COLUMN > Groninger Grensverhalen (uit nr.3 2008)
Jarenlang heb ik tegen de zomer opgezien. Naja, tegen mooi weer. Zo gauw de zon scheen, moest ik luxaflex en gordijnen dichtdoen, anders werd m'n flatje te heet. Overal zag ik blote armen en meer blote lichaamsdelen die, volgens mij, niet voor publiek, maar voor de achtertuin bedoeld zijn.
Zelf liep ik standaard met lange mouwen, of, als het echt heel warm was, met driekwart. En dan zijn er nog die stekende vliegbeesten, die mij schijnbaar errug lekker vinden. Nee, gaf mij maar de lente en de herfst, vooral de laatste periode vind ik prettig: vroeg gordijnen dicht, de hele wereld buitensluiten, kaarsjes aan, mijn eigen veilige wereldje.
Dit jaar is alles anders. Ik ben verhuisd en heb een heerlijk groot appartement. Ik kan een zonnescherm naar beneden laten, zonder in de schemer te moeten leven. En… ik loop met een hemdje aan in deze warme periode (begin juli). Wat een ommekeer. Waardoor? Een vriendin! Ook met littekens. Samen zijn we afgelopen weekend op vakantie geweest. Allebei hadden we afgesproken dat we twee ‘enge’ dingen gingen doen. Met blote armen lopen én zwemmen. Wat een bevrijding!! Deze dame ging zelfs in bikini. Jaha, met blubberbuik, maar het is mijn blubberbuik. Na het weekend ben ik doorgereisd naar een badplaats aan de kust en voor het eerst sinds lange tijd kwamen mijn schouders in de zon. Met verbranding als gevolg, maar wat was ik daar blij om! En niemand keek. Waar ik zo bang voor was, is niet gebeurd. Of ik heb het gewoon niet geregistreerd. Ik liep in een hemdje, ik was blij met mezelf en het leven. Met de zee, de zon, lekker eten en het vakantiegevoel. Aan zes dagen heb ik genoeg.
Thuisgekomen loop ik tegen een ander probleem aan, waar ik nog wel steeds last van heb. Toen ik tien jaar geleden de diagnose Borderline kreeg, ben ik vrij snel met een vaardigheidstraining begonnen. Ik leerde omgaan met negatieve prikkels, maar mijn valkuil de laatste jaren is … positieve prikkels. Ik moet zo wennen aan me tevreden en gelukkig voelen. Of trots als ik een spreekbeurt heb gegeven of een goede vergadering heb gehad. Mijn eerste neiging is nog steeds dan ofwel ‘niet aanstellen, doorgaan nu’ of ‘straffen’. Regelmatig val ik een gat. Zoals na mijn verhuizing. Zoveel lieve mensen hebben mij geholpen, vooral mijn ouders, wat moest ik daarmee? Het was een hele klus om mezelf te blijven voorhouden dat ik van positieve prikkels óók moet bijkomen, mezelf rust moet geven en verwerken. Het is niet niks, verhuizen, in een hemdje lopen na jaren, genoeg hebben aan mezelf en dat te voelen.
Ik leer het, stapje voor stapje. Prikkels zijn prikkels en voorbereiding, erkenning en acceptatie zijn belangrijk. Geniet van de goede momenten die je ook vast hebt en probeer minder diep te vallen als de vorige keer. Bereid je voor, gun jezelf rust, verwerkingstijd. Ik en jij mogen genieten, soms maar heel even, maar wel intens. Voor alle duidelijkheid, niet iedereen zal dit verhaal herkennen. Niet iedereen heeft littekens en dat hoeft ook niet! Misschien herken je de schaamte voor je lichaam, durf je ook niet te zwemmen. Kom op, durf, doe, jij bent jij. Dat ik 47 moest worden om dat te leren! Fijne zomer. Moi.
Auteur: EllenReacties
Alta | 11-01-2012 | 22:47













