Columns
Plat op mijn bek
Na weken van geluk en zaligheid ben ik dan eindelijk van die roze wolk gedonderd en heeft mijn manische bui plaatsgemaakt voor een fikse depressie. lees verder >
Innerlijke strijd
Jarenlang heeft het een vaste plek in mijn achterhoofd gehad: kinderen. Moet ik daar wel aan beginnen met de wijsheid die ik nu heb? Ik heb daar lange tijd geen passend antwoord op kunnen vinden en heb het ook eigenlijk altijd weggedrukt, met als geruststellende gedachte dat het voorlopig nog lang niet zover is. Mijn lief hielp ook niet echt. “Jess, ik wil ze graag. Je moet echt voor jezelf uitzoeken wat jij wilt en dan zien we wel weer,” zei hij. lees verder >
Groninger Grensverhalen (uit nr.4 2008)
Net als bij mijn vorige huis komt ook langs mijn nieuwe flat elk kwartier een bus langs. Eén van de belangrijkste noord-zuid verbindingen. Ironisch genoeg dezelfde lijn als langs mijn oude huis, zo blijven banden bestaan met het verleden. lees verder >
Groninger Grensverhalen (uit nr.3 2008)
Jarenlang heb ik tegen de zomer opgezien. Naja, tegen mooi weer. Zo gauw de zon scheen, moest ik luxaflex en gordijnen dichtdoen, anders werd m'n flatje te heet. Overal zag ik blote armen en meer blote lichaamsdelen die, volgens mij, niet voor publiek, maar voor de achtertuin bedoeld zijn. lees verder >
Groninger Grensverhalen (uit nr.2 2008)
Acceptatie. Dat is een woord dat nogal eens klinkt als je aan een aandoening, welke dan ook, lijdt. Zelf heb ik lang gedacht dat ‘acceptatie' een besluit was en daarmee klaar. Zo voelde het ook, tien jaar geleden toen ik de diagnose borderline kreeg. Ik was er blij mee, voelde me niet langer een aansteller en alle kenmerken klopten. Vanaf dat moment zou het beter gaan. Een diagnose kan immers het begin zijn van een goede behandeling. lees verder >
Groninger Grensverhalen
Als mens met borderline voel ik mij vaak gevangen in patronen. Als ik me slecht voelde, ging ik drinken of mezelf beschadigen. Als ik mezelf goed voelde, volgde bijna automatisch strafgedrag. Ook drinken, teveel pillen slikken of mezelf beschadigen. lees verder >
Carrière
Als puber was ik al vrij ambitieus. Ik wilde van alles, maar voornamelijk een leuke baan met toekomstperspectief. Werken was voor mij een uitlaatklep. Een soort overlevingsmechanisme en ik verdiende er nog geld mee ook, wat wilde ik nog meer! lees verder >
Blauwoogje
Vanaf het moment dat ik wist dat ik zwanger was, had ik sterk het gevoel dat het een jongen zou worden. Waarom weet ik niet. Het heeft waarschijnlijk te maken met een diep geworteld verlangen uit mijn kindertijd. lees verder >













